donderdag 28 november 2013

Gastgenoten - Hannah Ero (Boek)



Sinds 25 jaar zet Hannah Ero zich in voor Marokkaanse gezinnen die zich in Nederland hebben gevestigd. Zij is getuige van de weg die Ali, Fatima, Soumaija, Daoed en anderen afleggen om zich hier thuis te voelen. Zij helpt hen met hun alledaagse worsteling met de Nederlandse samenleving, de taal, de overheid, de school, de opvoeding. In honderd puntige, soms ontroerende, soms vrolijke, soms verbijsterende vertellingen doet zij haar verhaal. Dat levert een bijzondere inkijk in de dagelijkse kleinere en grotere vragen waar haar Marokkaanse vrienden voor stonden en staan. Van klein begrip en onbegrip tot groot lief en leed.

auteur : Hannah Ero
aantal pagina's : 184
geïllustreerd : nee
uitvoering/formaat : paperback 12,5 x 20 cm
ISBN : 978-90-8834-034-5
verschijningsdatum : 2 november 2007
vaste prijs : € 15,95

Een stukje uit het boek:

Op de bank zitten twee jongetjes naast elkaar. Ze kijken naar de grond en wiebelen met hun benen. Ze lijken in trance. Aboe stelt zijn zoons aan mij voor. "Samir, Abdullah." Schuchter geven ze een handje, zonder mij aan te kijken. De kamer is leeg op enkele meubels na. Ik zie geen speelgoed. Niets wijst erop dat hier kinderen wonen. Halima komt uit de keuken met verse Marokkaanse mintthee. Het ruikt lekker. Aboe schenkt de thee van grote hoogte in de glazen. En het gaat goed. In mijn hoofd hoor ik mijn moeders stem: ‘Doe gewoon. Doe dat niet zo, straks gaat alles eroverheen’. Aboe gooit de eerste ingeschonken glazen terug in de pot en herhaalt het ritueel totdat hij denkt dat de thee goed is. Halima spreekt nog geen Nederlands, daarom ben ik hier. Aboe wil dat zijn vrouw onze taal leert. Wil zij dat ook? En de jongens? "Gaat Samir al naar school?" "Samir gaat naar school", zegt Aboe. "Alleen Samir spreekt nog geen Nederlands. Samir zegt helemaal niets op school." Aboe gaat weg. Hij moet boodschappen doen. Het lijkt mij het makkelijkste om eerst contact met de kinderen te maken. Ze zijn de hele tijd naast elkaar blijven zitten als twee bejaarde mannetjes. Er ligt een reclamekrantje onder de lage tafel. Ik vouw er twee mutsen van en zet ze hun op. Meteen trekken ze de mutsen weer van hun hoofd af. Zingend zet ik een muts op: "één, twee, drie, vier hoedje van, hoedje van, één, twee, drie, vier hoedje van papier." De ogen van Samir beginnen te stralen. Dat liedje heeft hij vaker gehoord, op school. Halima zit met blote voeten op de koude grond met haar rug tegen de warme radiator en kijkt. Voorzichtig komt Samir van de bank af en pakt de krantenmuts, zet hem op en huppelt om de tafel.

http://www.boekscout.nl/html/boek.asp?id=121

Geen opmerkingen :

Een reactie plaatsen